Blaaskanker

Een tumor van de blaas is meestal kwaadaardig.   De meeste blaastumoren ontstaan uit het slijmvlies van de blaas, de binnenbekleding  als het ware.  Gelukkig gedragen veel van deze tumoren zich niet erg agressief en groeien ze niet dieper de blaaswand in. Ze worden daarom in de volksmond vaak blaaspoliepen genoemd. In Nederland wordt per jaar bij ongeveer 5.200 mensen blaaskanker vastgesteld.

Oorzaken
Er is een aantal risicofactoren die de kans op het krijgen van blaaskanker vergroten. De belangrijkste risicofactor is roken. Rokers hebben drie tot vijf keer zoveel kans op blaaskanker als niet-rokers. Daarnaast geeft geregelde blootstelling aan bepaalde kleurstoffen, zoals aniline, voorkomend in bepaalde verfstoffen, een verhoogde kans. Er bestaat ook een erfelijke vorm van blaaskanker.

Verschijnselen
In het beginstadium geeft blaaskanker vrijwel geen klachten. Vaak is de reden om naar de uroloog te gaan bloed in de urine (hematurie). Soms is het bloed in de urine zo weinig dat het niet met het blote oog te zien is, maar alleen onder de microscoop. Het kan ook gedurende langere tijd geheel verdwijnen. Soms doet het plassen pijn, of zijn er regelmatig blaasontstekingen. Als de blaastumor doorgroeit of zich verspreidt, kan dat onderin de buik pijn veroorzaken. De toegang vanuit de nier tot de blaas kan door het gezwel worden verstopt. Dan hoopt zich urine in de nieren op (hydronefrose), wat pijn in de zij kan veroorzaken.

Onderzoek
Het belangrijkste onderzoek waarmee de blaastumor gevonden kan worden is naast het urine onderzoek het kijken in de blaas (cystoscopie).  Om een definitieve diagnose te kunnen stellen, is microsopisch onderzoek van het tumorweefsel nodig. Dit wordt tijdens een operatieve ingreep via de plasbuis verkregen. Als uit het microscopisch onderzoek blijkt dat de tumor niet alleen het slijmvlies, maar ook de spierlaag van de blaaswand heeft aangetast, is er sprake van een spierinvasief groeiende tumor. In dat geval is nader onderzoek nodig om na te gaan hoe ver de tumor zich heeft uitgebreid en of er uitzaaiingen zijn. Deze onderzoeken kunnen bestaan uit een CT-scan, MRI of ander aanvullend onderzoek.

Behandeling

1) oppervlakkig groeiend blaaskanker.

Met het verwijderen van de blaastumor via de plasbuis (TUR-B of TUR-T), is de behandeling gedaan. Wordt er getwijfeld of alles wel verwijderd is, dan wordt de operatie herhaald.

Wanneer er veel blaastumoren verwijderd moeten worden, of de blaastumoren weer snel terugkomen wordt er vaak voor gekozen om na verwijderen van deze blaastumoren te gaan starten met blaasspoelingen. Daarvoor komt u met een zekere regelmaat naar de polikliniek en  wordt  een vloeistof via een catheter in de blaas gebracht. De opzet is dat door deze stoffen de blaastumoren niet meer zo snel terugkomen.

 2) spierinvasief groeiend blaaskanker

Bij spierinvasief groeiend blaaskanker hebben we te maken met een gevaarlijkere vorm van blaaskanker en zal ook een agressievere behandeling nodig zijn.

In Zuyderland worden alle patiënten met spierinvasief groeiend blaaskanker in een Multidisciplinair Overleg (MDO). Tijdens dit gesprek wordt de beste behandelig vastgesteld. Bij deze bespreking zijn in ieder geval een uroloog, patholoog, oncoloog, radiotherapeut en radioloog aanwezig.

Deze kan bestaan uit het verwijderen van de blaas. Dit is een grote en complexe operatie die op locatie Heerlen uitgevoerd wordt. Tegenwoordig wordt hierbij vaak ook gebruik gemaakt van de Da Vinci operatie robot.

Bij patiënten die deze operatie niet kunnen of willen ondergaan is het alternatief voor het verwijderen van de blaas bestraling van de blaas. Deze behandeling vindt plaats in het Maestro, het bestralingsinstituut dat naast het Maastricht Universitair Medisch Centrum (MUMC) ligt.

Ook is er een plaats voor chemotherapie: soms om de tumor voor de operatie kleiner te maken, soms omdat er uitzaaiingen zijn. De chemotherapie wordt in Sittard toegediend.

Meer informatie:
Kanker.nl
www.allesoverurologie.nl

Urologie Heerlen
T 088 - 459 9704

Urologie Sittard
T 088 - 459 9704